Kamerbrief aanpassingen in bedrijfsopvolgingsregeling en doorschuifregeling

Bij de behandeling in de Tweede Kamer van het initiatiefwetsvoorstel over de bedrijfsopvolgingsregeling in de schenk- en erfbelasting (BOR) is discussie ontstaan over een amendement, dat afgelopen najaar is aangebracht in de Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2024. De discussie betreft twee maatregelen, die de toegang tot de BOR en de doorschuifregeling aanmerkelijk belang (DSR ab) verbreden. Er is inmiddels een amendement ingediend op het initiatiefwetsvoorstel om het eerder genoemde amendement terug te draaien. Ook is een motie ingediend om de ongewenste gevolgen daarvan terug te draaien. Deze motie is door de Kamer verworpen. De staatssecretaris van Financiën heeft een brief naar de Tweede Kamer gestuurd over juridische aspecten en de uitvoeringstoets van het vorig jaar aangenomen amendement.

Het betreft de volgende maatregelen.

1. Een verruiming van de verwateringsregeling in de BOR en de DSR ab. De verwateringsregeling houdt in dat de BOR en DSR ab kunnen worden benut voor een indirect belang dat minder dan 5% maar ten minste 0,5% bedraagt en uitsluitend is verwaterd door vererving, overgang krachtens huwelijksvermogensrecht of schenking. Door het amendement vervalt de voorwaarde van ‘ten minste 0,5%’ voor situaties waarin de verkrijger een bloed- of aanverwant in de neergaande lijn is van een rechtsvoorganger krachtens erfrecht, huwelijksvermogensrecht of schenking die een indirect ab hield in dat andere lichaam.

2. Verbreding van de toegang tot de BOR voor kleine aandelenbelangen als een familiegroep een belang heeft van ten minste 25%. De omvang van het eigen aandelenpakket van een familielid is niet van belang.

Voor beide maatregelen heeft een toetsing op ongeoorloofde staatssteun plaatsgevonden. Het feit, dat het amendement zo duidelijk is toegeschreven naar een verruiming specifiek voor familiebedrijven zonder rechtvaardigingsgrond, maakt het staatssteunrechtelijk kwetsbaar. De regelingen, die door het amendement voor familiebedrijven worden verruimd, kennen een algemene toepassing.

De verruiming van de toegang tot de BOR voor belangen in familiebedrijven staat op gespannen voet met het gelijkheidsbeginsel. Mogelijk bestaat voor de verruiming van de verwateringsregeling een voldoende redelijke grond voor het verschil in behandeling. De onderbouwing voor de verbreding van toegang tot de BOR voor kleine belangen bij een familiebelang van 25% of meer lijkt ontoereikend te zijn voor het verschil in behandeling.

Eerder heeft de staatssecretaris al laten weten dat beide maatregelen de handhaafbaarheid en fraudebestendigheid van de BOR en de DSR ab ingrijpend verslechteren.

Het is aan de Kamer als medewetgever om een door de Kamer aangenomen amendement terug te draaien. Het kabinet zal in het Belastingplan 2025 niet met zo’n voorstel komen, tenzij een Kamermeerderheid daar om vraagt. De staatssecretaris wijst erop dat de uitkomsten van de toetsing aan staatssteun, het gelijkheidsbeginsel en de uitvoeringsgevolgen de Kamer eigenlijk geen andere keuze laten dan de twee maatregelen ongedaan te maken.

Bron:Ministerie van Financiën | wetsvoorstel | 2024-0000320019 | 15-05-2024

Aftrek geweigerd omdat huurovereenkomst niet aan eisen voldoet
Een ondernemer huurt sinds 2016 een aantal bedrijfsruimtes in een pand. De verhuurder brengt btw in rekening op basis van een afspraak over belaste verhuur. Kort daarna begint de ondernemer delen van het pand door te verhuren aan derden. Bij deze
Turboliquidatie biedt geen bescherming tegen navordering ab-heffing
Een vrouw houdt 20% van de certificaten in een holding. De werkmaatschappij wordt geturboliquideerd en de onderneming gaat over naar haar vader als eenmanszaak. Niemand geeft inkomen uit aanmerkelijkbelang aan. Jaren later legt de inspecteur
Vestiging tweede hypotheek is aanleiding voor aansprakelijkheid voor belastingschuld
Een holding en haar dga worden aansprakelijk gesteld voor een btw-schuld van een dochter-bv van de holding. De btw-schuld bedraagt ruim een miljoen euro. Zij bestrijden de aansprakelijkstelling met als standpunt dat de schuld zou zijn verjaard. Hoe
Ook na verliesverrekening kan de verdeling niet worden aangepast
Een man en een vrouw zijn fiscale partners van elkaar. De inspecteur legt in 2016 aanslagen inkomstenbelasting op voor het jaar 2015. In 2018 lijdt de vrouw een ondernemingsverlies. Dit verlies wordt in 2020 achterwaarts verrekend met haar inkomen

We helpen je graag!

We vertellen je graag persoonlijk welke specifieke dienstverlening we jou kunnen bieden. 

Download onze gratis app en beschik over de laaste informatie en handige tools.

Verschillende functies binnen handbereik. Handige en praktische thema’s, het laaste belastingnieuws, toegang tot een uitgebreid archief, contactgegevens van onze medewerkers, routebeschrijving en het maken van afspraken.

nl_NLNederlands
Scroll naar boven