Geen fictieve verkrijging op grond van verrekenbeding

De Successiewet kent een aantal fictieve erfrechtelijke verkrijgingen. Een van deze verkrijgingen betreft hetgeen aan de langstlevende echtgenoot bij het overlijden van de andere echtgenoot op grond van een verrekenbeding in de huwelijksvoorwaarden meer toekomt dan volgens de wettelijke regeling. Het verrekenbeding moet van het overlijden afhankelijk zijn.

Volgens een arrest van de Hoge Raad uit 1994 geldt de fictie van de Successiewet niet als op het verrekenbeding ook tijdens het bestaan van het huwelijk en bij beëindiging daarvan anders dan door overlijden een beroep kan worden gedaan. In die gevallen is geen sprake van een verkrijging krachtens erfrecht maar krachtens huwelijksvermogensrecht.

Hoewel dit arrest van de Hoge Raad betrekking heeft op een periodiek verrekenbeding geldt dit volgens de Rechtbank Gelderland ook voor andere verrekenbedingen op grond waarvan echtgenoten tijdens het leven verrekening kunnen vorderen, zoals bij echtscheiding. De inspecteur heeft gewezen op twee andere arresten van de Hoge Raad. Die arresten hebben echter betrekking op situaties waarin de belanghebbende niet eerder dan bij overlijden een beroep op verrekening kan doen.

De rechtbank heeft het beroep van de langstlevende echtgenoot gegrond verklaard en de aanslag erfbelasting vernietigd.

Bron:Rechtbank Gelderland | jurisprudentie | ECLINLRBGEL20243255, ARN 23/4107 | 27-05-2024

Aftrek geweigerd omdat huurovereenkomst niet aan eisen voldoet
Een ondernemer huurt sinds 2016 een aantal bedrijfsruimtes in een pand. De verhuurder brengt btw in rekening op basis van een afspraak over belaste verhuur. Kort daarna begint de ondernemer delen van het pand door te verhuren aan derden. Bij deze
Turboliquidatie biedt geen bescherming tegen navordering ab-heffing
Een vrouw houdt 20% van de certificaten in een holding. De werkmaatschappij wordt geturboliquideerd en de onderneming gaat over naar haar vader als eenmanszaak. Niemand geeft inkomen uit aanmerkelijkbelang aan. Jaren later legt de inspecteur
Vestiging tweede hypotheek is aanleiding voor aansprakelijkheid voor belastingschuld
Een holding en haar dga worden aansprakelijk gesteld voor een btw-schuld van een dochter-bv van de holding. De btw-schuld bedraagt ruim een miljoen euro. Zij bestrijden de aansprakelijkstelling met als standpunt dat de schuld zou zijn verjaard. Hoe
Ook na verliesverrekening kan de verdeling niet worden aangepast
Een man en een vrouw zijn fiscale partners van elkaar. De inspecteur legt in 2016 aanslagen inkomstenbelasting op voor het jaar 2015. In 2018 lijdt de vrouw een ondernemingsverlies. Dit verlies wordt in 2020 achterwaarts verrekend met haar inkomen

We helpen je graag!

We vertellen je graag persoonlijk welke specifieke dienstverlening we jou kunnen bieden. 

Download onze gratis app en beschik over de laaste informatie en handige tools.

Verschillende functies binnen handbereik. Handige en praktische thema’s, het laaste belastingnieuws, toegang tot een uitgebreid archief, contactgegevens van onze medewerkers, routebeschrijving en het maken van afspraken.

nl_NLNederlands
Scroll naar boven